|
|
Herman Gouwe (1875-1965)
de schilder van de paarden en van Tahiti
Herman Gouwe werd geboren in Alkmaar als zoon van een notaris
die grote plannen met hem had. Maar hij had daarbij buiten de
waard gerekend want zoonlief had maar een wens: schilder worden.
Dat was overigens niet zo vreemd want als kind had hij menig
schilder leren kennen die in die tijd in Egmond woonde en
werkte. Zijn vader nodigde hen geregeld uit voor een
goedverzorgd diner in zijn huis of bezocht hen in Egmond.1 Dat
kust- dorp was ruim voor de eeuwwisseling, dus veel eerder dan
Bergen, een heuse kunstenaarskolonie, waar schil- ders van
velerlei pluimage neerstreken.2 Uiteindelijk belandde Herman
toch op de Rijksacademie voor Beeldende Kunsten in Amsterdam.
Zijn talent viel snel op en al in 1901 won hij de Prix de Rome.
Dat stelde hem in staat te gaan reizen, eerst naar Italië, later
naar Spanje. Eerder al had hij reizen gemaakt naar
Zuid-Frankrijk en Noord-Afrika, hiertoe in staat gesteld door
een maandgeld van 500 gulden dat hij uit de er- fenis van zijn
in 1897 overleden vader ontving.
“Na enkele jaren te hebben gereisd, vestigde Gouwe zich weer in
Nederland, waar hij afwisselend in Amsterdam, Het Gooi en
Zuid-Limburg woonde. Hij schilderde in die tijd vooral
landschappen, meestal met boeren en paarden en zijn werk vond
gretig aftrek”, schreef Jan Jaap Heij.3 Het waren geen doorsnee
landschappen; Gouwe had al in 1908 zijn nieuwe vorm en kleur
gevonden. Naar hij zelf bij herhaling zei bij Piet Mondriaan die
hij zeer bewonderde.
Zijn werken kregen de kenmerkende kleuren van het luminisme en
vanaf 1911 ontstonden landschappen, bosgezichten en figuren in
diep paarsblauwe en lila kleuren soms verrijkt door de invloed
van het sym- bolisme. Er zijn uit die periode 1910-1918 sterk
symbolistische werken van hem bekend. Zie hiervoor de afbeelding
van De Zaaister (herkomst collectie Singer Laren) vooraan in
deze catalogus. Maar Gouwe maakte ook vrijwel abstract werk, dat
aan de schilders van
De Branding doet denken. Duidelijk mag zijn dat het hoogtepunt
van zijn oeuvre zich in deze jaren aftekende. De periode dat
Gouwe in het Gooi woonde moet zeer inspirerend voor hem zijn
geweest. Hij schreef er enthousiast over in zijn ongepubliceerde
boek, dat ook gebruikt werd voor een later uitgekomen scriptie.4
Gouwe liet zich verleiden om zijn geliefde thema, het schilderen
van ploegende paarden, vaak te schilderen, tè vaak en besefte
dat hij eigenlijk een ander leven
wilde leiden. In 1927 vertrok hij naar Tahiti waar een
geheel ander oeuvre van hem ontstond. Nog eenmaal, in 1959, kwam
hij terug naar Nederland, kreeg er twee tentoonstellingen en
vertrok voorgoed. Zijn werk leeft voort in talloze verzamelingen
en musea. Het is nog al-
tijd zeer geliefd.
Nog pas enkele jaren geleden was een fraai overzicht
van zijn werk te zien op een tentoonstelling in museum Het
Spaanse Gouvernement in Maastricht. Limburg is haar
schilderszoon niet vergeten.
1. Informatie ontleend aan een gedetailleerd boek dat de
schilder over zichzelf schreef, maar dat nooit werd uitgegeven,
pag. 2
2. Hans Kraan, Dromen van Holland, Buitenlandse kunstenaars
schilderen Holland,1800-1914, Den Haag/Zwolle, 2002. (Een must
voor elke kunstliefhebber!-rs).
3. Jan Jaap Heij, Gouwe: schilder van Nederland en Tahiti, NRC,
23 juli
1979
4. W.A. Poort, Palet van de Pacific, Leven en werken van Adriaan
Gouwe, Hilvarenbeek, 1987
|